woensdag 8 april 2009

Lessen uit Londen

Londen, prachtige stad, met mooie musea, monumenten en natuurlijk de bekende highlights.
Want als je drie dagen met zoon Bram van 11 naar Londen gaat, ontkom je niet aan bezienswaardigheden als de Houses of Parliament, Big Ben, St Pauls Cathedral, Picadilly Circus en nog zowat van die dingen.
Gelukkig heeft Bram ook een (museum)klap(je) van de molen van zijn vader meegekregen en staan er dus heel wat bezoekjes aan de mooiste musea van Londen op het programma. Welgeteld zeven hebben we er in 2,5 dag gedaan. Helaas voor de kunstzinnigen onder ons niet de kunstmusea als Tate, Modern Tate en de National Portrait Gallery, daar gaat onze belangstelling niet zo naar uit ;-)

De eerst dag, na overigens een geweldige lunch bij het "Lido" aan de Serpentine in Hyde Park, wat wil je ook met een temperatuur van zo'n 17 graden, zon en windstil!, ging het op naar het Science Museum.
Deze befaamde tempel van de Britse inventiviteit geeft een wat dubbel gevoel. Aan de ene kant staan daar kroonjuwelen uit de geschiedenis van de techniek als de "Rocket", de locomotief van Stephenson, voorlopers van de computer van Charles Babbage , prototypes van VTOL vliegtuigen als de Hawker Harrier en dergelijke. Ook de nieuwe interactieve presentatie over techniek, Launchpad, is fantastisch. Maar tegelijkertijd is het wel heel treurig om in een zaal als die over scheepvaart te komen waar sinds ik er de laatste keer was (1973?) alles bij het oude is gebleven! Stoffige vitrines, met de typemachine geschreven kaartjes, TL verlichting. Ik overdrijf misschien een beetje, maar de tegenstelling met de eerder beschreven kanten van het Science Museum is groot, misschien wel TE groot.

Een ander fenomeen van de grote musea in Londen was de gratis entree. Ik ben er niet over uit of dit nu een meerwaarde heeft of niet. Het maakt het wel erg makkelijk even het museum binnen te lopen, ook al heb je maar een half uurtje de tijd of boeit het onderwerp van het museum je op het eerste gezicht niet zo. Maar ook maakt het zo'n museum wel erg druk met bezoekers die niet veel met het museum "hebben", vervuilen ze misschien het museum een beetje? Ik kan ook geen inschatting maken of dat extra bezoek nu meer kost aan beveiliging, toiletten, stroom, schoonmaak etc of dat het ook wat oplevert aan donaties (donatiebakken waren overal prominent aanwezig), omzet in de museumwinkels en het museumcafé en zo.

Wij hebben er ook gebruik van gemaakt. Voor het British Museum bleken we maar een uur de tijd te hebben! We moesten dat tussen vijf en zes op de zaterdag proppen om ons zondagse programma aan te kunnen. In het BM was weer wat anders aan de hand. Prachtig (her)ingericht, met een imposante entreehal en natuurlijk de fraaiste schatten uit de wereldgeschiedenis (Elgin Marbles anyone?) is het een geweldig museum. De vraag die het bij mij opriep was toch ook wel of overdaad schaadt? Er is zo verschrikkelijk veel te zien dat je op gegeven moment niet meer weet waar je moet kijken en blasé langs de mooiste vitrines loopt. Met de inhoud van één zaal zou ik een compleet, en hoogwaardig!, museum kunnen vullen. Nu ga je op gegeven moment bijna hollen langs al dat moois. Het gebrek aan routing en de overdaad maakte voor mij dat het op gegeven moment teveel werd.

Naast de onvermijdelijke Tower (die ik overigens nooit eerder had bezocht) die best boeiend bleek te zijn (zeker als je er 's ochtends al om 09.00 uur aan de poort staat als het nog rustig is) met oa een erg fraaie tentoonstelling over Hendrik VIII (Henry VIII: Dressed to Kill) bleken de Cabinet War Rooms waar we min of meer per ongeluk terecht kwamen, een onverwachtte schat.
Dit museum, een onderdeel van het Imperial War Museum, is gesitueerd onder het Ministerie van Financiën waar tijdens de Tweede Wereldoorlog Churchill en zijn Kabinet en Legerleiding bivakkeerde.
Omdat het gebouw niet bijzonder inspirerend leek te zijn (de kelders van een ministerie, met bezemkasten en opslaghokken) en het verhaal van mannetjes die daar vergaderen ook niet (al ging het in veel gevallen over leven of dood), hadden we er weinig verwachtingen van. Het tegendeel bleek waar te zijn! De War Rooms zijn een doolhof aan kamers en verblijven, elk met een eigen verhaal, van bijzondere personen, eigenaardigheden, ongemakken en lief en leed op heel persoonlijke schaal. Met behulp van een uitstekende (Nederlandstalige!) audiotour liepen we door het gangenstelsel en kwam de geschiedenis behoorlijk tot leven. Het Churchill Museum zit ook erg goed in elkaar, met veel audiofragmenten en slimme video (projectie op de binnenkant van een vitrine bijvoorbeeld). Ook was de routing in beide (in elkaar overlopende) musea goed waardoor je duidelijk aan de hand werd meegenomen en geen onderdeel van het verhaal hoefde te missen. Duidelijk een museum/musea waar "lessen uit Londen" te trekken vallen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten