zondag 14 maart 2010

Homo Ludens; Homo Historicus

In het overbrengen van geschiedenis gaat het erom de luisteraars, lezers of kijkers mee te nemen in het verhaal. Dat proberen we in musea met tentoonstellingen met originele historische voorwerpen, met audiovisuele programma's waarin we laten zien hoe het leven was. Of we dompelen de bezoeker onder in de tijd van toen; de experience, waarin je geur, beeld, gevoel, kortom de zintuigen inzet om de boodschap over te brengen.

Nu was ik altijd al een liefhebber van historische (bord)spellen, een mooie manier om in de vorming van geschiedenis te duiken. Sinds gisteren is die overtuiging aanzienlijk versterkt door het meespelen in de Megagame "De Bello Gallico"
Een Megagame is precies wat het woord zegt: een historische simulatie op grote schaal, met tussen de 40 en 50 deelnemers: spelers, umpires en organisatie.
In "De Bello Gallico" draait het om de campagne van Julius Caesar van 58 - 50 BC om Gallië onder Romeins gezag te brengen. De spelers vertegenwoordigen Gallische Chiefs, barden, druïden, handelaren en natuurlijk spelen Caesar, Labienus en andere Romeinen hun rol in het spel.

Wat je je pas goed tijdens het spel realiseert, is dat het een heel stuk lastiger is voor de Galliërs om de Romeinen te weerstaan dan je op het eerste gezicht denkt. Veel stammen kunnen elkaar niet luchten of zien en denken de Romeinen te kunnen gebruiken om oude vetes in hun voordeel te beslissen. Wie is er bezweken voor de avances van Rome? Of voor haar dreigementen? Wat zeggen de Goden? Zijn de voortekenen gunstig? En als we Gallië al kunnen verenigen, kunnen we dan op tegen de militaire macht van Rome en het strategisch inzicht van Caesar?

Juist die onmacht om duidelijke besluiten te kunnen nemen, waar op een bepaald moment toch een leider als Vercingetorix opstaat om Gallië te verenigen en de manier waarop Caesar het verzet weet te breken met afwisselend een vuist en een uitgestoken hand (prima typecasting van de man die Caesar speelde overigens) maken dat je veel meer gevoel krijgt voor wat de dilemma's geweest moeten zijn.
Het is een hele organisatie om zo'n spel/simulatie te verzorgen, reden waarom we er (tot dusverre) maar één per jaar in Nederland hebben (in tegenstelling tot Engeland waar Jim Wallman dit meerdere malen per jaar doet).

Jammer, want deze vorm van onderdompeling in geschiedenis zou prima in het onderwijs gebruikt kunnen worden. Niet alleen bij geschiedenis, ook bij onderwerpen als communicatie, onderhandelen, besluitvorming, risico-analyse en dergelijke is zo'n simulatie instructief.
Gelukkig sta ik niet alleen in deze visie op leren en spelen. De beroemde Britse historicus Niall Ferguson (The Ascent of Money, The Pity of War) is ook een aanhanger van wat hij "counterfactual history" noemt. Geschiedenis waar je met de feiten speelt om te zien hoe het anders had kunnen lopen.

Ik verheug me al op volgend jaar en hoop dat we dan weer een mooie combinatie van elementen hebben die het mogelijk maken héél even in de schoenen van hen die geschiedenis schreven te kunnen stappen.............

Power corrupts, ook in de cultuursector

Afgelopen weken weer eens bevestiging gekregen van de stelregel 'Power corrupts and absolute power corrupts absolutely' (Lord Acton 1887), ook in de culturele sector.
Musea waar de zaken zo vreselijk fout lopen door de vrijwel ongecontroleerde macht van een directeur dat het erfgoed nu in gevaar dreigt te komen.

Op zijn zachtst gezegd zorgwekkend en de vraag oproepende hoe je organisaties daartegen kan beschermen. Dat laatste is lastiger dan het lijkt, ondanks Raden van Toezicht, van Bestuur, Besturen en hoe de controlerende instanties ook mogen heten.
In het geval van erfgoed lijkt het veiligstellen van het erfgoed zelf vooral gelegen in een structuur waarin de beherende instelling geen zeggenschap heeft over het eigendom van het beheerde erfgoed. Dan kan er in elk geval geen vervreemding of in onderpand geven van dat erfgoed plaats vinden.

Bij het Vestingmuseum is de collectie eigendom van de Stichting Vrienden van het museum. Soms best lastig dat als je iets met een collectiestuk wilt, je eerst bij het bestuur van de Vrienden toestemming moet vragen, maar wel een goede beveiliging tegen bovengenoemd misbruik.