Afgelopen weken weer eens bevestiging gekregen van de stelregel 'Power corrupts and absolute power corrupts absolutely' (Lord Acton 1887), ook in de culturele sector.
Musea waar de zaken zo vreselijk fout lopen door de vrijwel ongecontroleerde macht van een directeur dat het erfgoed nu in gevaar dreigt te komen.
Op zijn zachtst gezegd zorgwekkend en de vraag oproepende hoe je organisaties daartegen kan beschermen. Dat laatste is lastiger dan het lijkt, ondanks Raden van Toezicht, van Bestuur, Besturen en hoe de controlerende instanties ook mogen heten.
In het geval van erfgoed lijkt het veiligstellen van het erfgoed zelf vooral gelegen in een structuur waarin de beherende instelling geen zeggenschap heeft over het eigendom van het beheerde erfgoed. Dan kan er in elk geval geen vervreemding of in onderpand geven van dat erfgoed plaats vinden.
Bij het Vestingmuseum is de collectie eigendom van de Stichting Vrienden van het museum. Soms best lastig dat als je iets met een collectiestuk wilt, je eerst bij het bestuur van de Vrienden toestemming moet vragen, maar wel een goede beveiliging tegen bovengenoemd misbruik.
Posts tonen met het label erfgoed. Alle posts tonen
Posts tonen met het label erfgoed. Alle posts tonen
zondag 14 maart 2010
maandag 20 april 2009
Tarakan II, erfgoed in de knel
Al eerder schreef ik over het project Tarakan, "Oorlog om Olie", een project om vast te leggen wat er nog aan erfgoed uit de Tweede Wereldoorlog op het eilandje Tarakan te vinden was. Van 10 tot 17 april was ik daarvoor in Indonesië en bezocht een paar dagen Tarakan om het project voor te bereiden bij de gemeente Tarakan en zelf te zien waar we het nu eigenlijk over hebben.
Na een paar dagen Jakarta was Tarakan een baken van rust! Wat een verschil tussen de miljoenen knetterende en dikke zwarte rook uitbrakende brommertjes en ouwe stadsbussen van Jakarta. Stoken ze die dingen soms op afgewerkte kokosolie of zo? Tarakan is ongeveer zo groot als Texel, maar dan met zo'n 170.000 inwoners. Het stadje Lingkas (in 1942 niet meer dan een gehucht) is als een olievlek (toepasselijke beeldspraak op een eiland dat bijna op olie dreef) over het midden en westen van het eiland uitgevloeid. Van het oude Tarakan is niet veel meer over en wat er nog is, is verborgen tussen de nieuwbouw: wat BPM (voorloper van de SHELL) woningen, de sociëteit, de RK kerk, het BPM ziekenhuis en nog zo wat van die gebouwen. Als je een ritje over het eiland maakt en goed om je heen kijkt, zie je wel overal de sporen van de oorlog, het miechelt er van de bunkers en bunkertjes. We (historicus Hans Bonke en ikzelf) werden allerhartelijkst ontvangen door de gemeente, afgehaald van het vliegveld, met koffie in de VIP Lounge, daarna een bezoekje bij de burgemeester in zijn ambstwoning en de volgende ochtend een vergadering op het gemeentehuis. Allemaal boeiend, ontvangst bij de burgemeester op blote voeten (hij dus hè, dat bleek gebruikelijk te zijn), het gemeentehuis dat op een kantoor uit de jaren '50 leek (heel veel mensen die vooral veel thee dronken, met elkaar kletsten en vooral erg veel formulieren aan het invullen waren) en ook de ritjes over Tarakan met chauffeur Ari die te pas en te onpas "Yiaheeee!! riep en "funny" hoewel hij verder geen woord Engels sprak.
Op maandagmorgen zouden we de twee belangrijkste kustbatterijen gaan bekijken, bij Peningki en bij Karoengan. Dat betekende vanaf het einde van de asfaltweg nog een anderhalve kilometer door de gele modder prutten en dan was ik ook nog m'n jungleboots
vergeten! In de stromende regen en bij een temperatuur van zo'n 30 graden, gleden en zompten Azis (de lokale historicus), chauffeur Ari, Hans en ik naar de batterij. Een betonnen pad omhoog de heuvel op bracht ons bij een grote munitiebunker. Er stond netjes een hekje omheen en een bord "Beschermd historisch erfgoed". Even verderop kwamen we bij het eerste stuk geschut, een stuk 75mm Krupp geschut uit 1902 dat er nog verbazingwekkend goed bijstond, zeker als je bedenkt dat het er al vanaf 1940 staat, in weer en wind! Alleen het schild (de beschermende pantserplaat voor de geschutsbemanning) lag eraf en een paar meter verderop. Doorlopend naar de volgende stelling bleek er iets vreemds aan de hand te zijn. De stelling was nog wel intact, maar stond min of meer los in het landschap. Alle grond eromheen was weggegraven en een groot stuk terrein was geëgaliseerd. Een bordje gaf informatie dat de Indonesische Marine (de Angketan Laut) daar bezig was een nieuwe Marinebasis te bouwen! Precies op de plek van de Peningki batterij. Ook een achter het geschut liggende heuvel werd al afgegraven en een observatiebunker daarop hing al vervaarlijk dicht tegen de rand van de afgraving aan. Voor ons was het duidelijk dat we actie zouden moeten ondernemen om het verdwijnen van de batterij te verhinderen. Niet alleen is de batterij van Peningki nog helemaal compleet (munitiebunker, geschutsopstellingen, observatieposten, zoeklichtstellingen, commandobunker etc) maar ook hebben Peningki en Karoengan op 12 januari 1942 twee Japanse mijnenvegers (de W-13 en W-14) tot zinken gebracht, een actie de geschutsbemanningen later met de dood hebben moeten bekopen. De Japanners hebben hen uit wraak geëxecuteerd. Het zou zonde zijn als deze historische site vernield zou worden.
Om het beeld compleet te krijgen, zijn we nog drie kilometer doorgemodderd naar de kustbatterij Karoengan. Daar stonden onder andere 120mm Krupp geschut, ook afkomstig van gesloopte marinesche
pen van de Koninklijke Marine. De toestand van dit geschut was zo mogelijk nog beter dan het 75mm geschut, sommige RVS onderdelen glommen nog als nieuw!
Na terugkeer bleek de Angketan Laut de bouw van de basis geheel zonder afstemming met de gemeente te zijn begonnen en bij de gemeente schrok men wel van onze berichten. Tarakan heeft plannen om het erfgoed uit de oorlog in de vorm van "heritage parkjes" toegankelijk te gaan maken om zo toeristen uit Nederland, Australië, Indonesië zelf en misschien ook wel Japan te trekken. De volgende morgen werd er pers opgetrommeld en zo kwamen Hans en ik in zowel de lokale krant, de Tarakan Kompass, als op de lokale TV terecht. In Jakarta de dag erna ook onze ambassade proberen op te porren er iets aan te doen en een interview met de Jakarta Post gedaan. We hopen dat die dingen en een aantal informele contacten vanuit Tarakan en Jakarta effect zullen hebben.
Een vreemde ervaring dat dit erfgoed, dat al meer dan 67 jaar onaangetast op dezelfde plek staat, precies op het moment dat wij er gaan kijken, aangetast lijkt te gaan worden. Meestal is zo'n periode lang genoeg om tot inzicht te komen dat je hier zorgvuldig mee om moet gaan.
Na een paar dagen Jakarta was Tarakan een baken van rust! Wat een verschil tussen de miljoenen knetterende en dikke zwarte rook uitbrakende brommertjes en ouwe stadsbussen van Jakarta. Stoken ze die dingen soms op afgewerkte kokosolie of zo? Tarakan is ongeveer zo groot als Texel, maar dan met zo'n 170.000 inwoners. Het stadje Lingkas (in 1942 niet meer dan een gehucht) is als een olievlek (toepasselijke beeldspraak op een eiland dat bijna op olie dreef) over het midden en westen van het eiland uitgevloeid. Van het oude Tarakan is niet veel meer over en wat er nog is, is verborgen tussen de nieuwbouw: wat BPM (voorloper van de SHELL) woningen, de sociëteit, de RK kerk, het BPM ziekenhuis en nog zo wat van die gebouwen. Als je een ritje over het eiland maakt en goed om je heen kijkt, zie je wel overal de sporen van de oorlog, het miechelt er van de bunkers en bunkertjes. We (historicus Hans Bonke en ikzelf) werden allerhartelijkst ontvangen door de gemeente, afgehaald van het vliegveld, met koffie in de VIP Lounge, daarna een bezoekje bij de burgemeester in zijn ambstwoning en de volgende ochtend een vergadering op het gemeentehuis. Allemaal boeiend, ontvangst bij de burgemeester op blote voeten (hij dus hè, dat bleek gebruikelijk te zijn), het gemeentehuis dat op een kantoor uit de jaren '50 leek (heel veel mensen die vooral veel thee dronken, met elkaar kletsten en vooral erg veel formulieren aan het invullen waren) en ook de ritjes over Tarakan met chauffeur Ari die te pas en te onpas "Yiaheeee!! riep en "funny" hoewel hij verder geen woord Engels sprak.
Op maandagmorgen zouden we de twee belangrijkste kustbatterijen gaan bekijken, bij Peningki en bij Karoengan. Dat betekende vanaf het einde van de asfaltweg nog een anderhalve kilometer door de gele modder prutten en dan was ik ook nog m'n jungleboots
Om het beeld compleet te krijgen, zijn we nog drie kilometer doorgemodderd naar de kustbatterij Karoengan. Daar stonden onder andere 120mm Krupp geschut, ook afkomstig van gesloopte marinesche
Na terugkeer bleek de Angketan Laut de bouw van de basis geheel zonder afstemming met de gemeente te zijn begonnen en bij de gemeente schrok men wel van onze berichten. Tarakan heeft plannen om het erfgoed uit de oorlog in de vorm van "heritage parkjes" toegankelijk te gaan maken om zo toeristen uit Nederland, Australië, Indonesië zelf en misschien ook wel Japan te trekken. De volgende morgen werd er pers opgetrommeld en zo kwamen Hans en ik in zowel de lokale krant, de Tarakan Kompass, als op de lokale TV terecht. In Jakarta de dag erna ook onze ambassade proberen op te porren er iets aan te doen en een interview met de Jakarta Post gedaan. We hopen dat die dingen en een aantal informele contacten vanuit Tarakan en Jakarta effect zullen hebben.
Een vreemde ervaring dat dit erfgoed, dat al meer dan 67 jaar onaangetast op dezelfde plek staat, precies op het moment dat wij er gaan kijken, aangetast lijkt te gaan worden. Meestal is zo'n periode lang genoeg om tot inzicht te komen dat je hier zorgvuldig mee om moet gaan.
Abonneren op:
Posts (Atom)