Posts tonen met het label nieuwbouw musea. Alle posts tonen
Posts tonen met het label nieuwbouw musea. Alle posts tonen

zondag 20 januari 2013

Musea, nieuwbouw, oudbouw, renovatie?

Twee weken geleden was ik bij "Het afscheid van Delft" van het Legermuseum, een prachtige zaterdag met programma in de Oude Kerk in Delft en voor het laatst in het Armamentarium aan de Korte Geer.
Als echte 'Delvenaar' was het mooi en ook een beetje droevig om het vertrek van het Legermuseum mee te maken. Ik kon me de aankomst in de jaren '80 nog goed herinneren. Het museum kwam toen uit Leiden, uit het Pesthuis (waar nu Naturalis zit). Ik had aan de overkant van de gracht staan kijken hoe een Centuriontank via een pontonbrug en een opgebroken zijmuur van het museum naar binnen werd gebracht, mooie maar moeizame operatie en wel symbolisch voor een historisch museum dat een levend onderwerp als de Landmacht tot verzamelgebied heeft. Daar blijven dus nieuwe objecten binnenkomen. In een gebouw als het Armamentarium blijft dat problemen opleveren.
Het Armamentarium is (deels) in 1601 - 1602 gebouwd als artilleriemagazijn voor de Staten van Holland en West-Friesland en daarmee een uitermate natuurlijk passende locatie voor het Legermuseum.
Het karakteristieke gebouw had zijn voors en tegens. Vlak bij het station en midden in de historische binnenstad was het goed bereikbaar met openbaar vervoer en prima te combineren met een dagje Delft. Parkeren met auto was een stuk minder makkelijk, tot de oplevering van het nabij gelegen theater De Veste met bijbehorende parkeergarage.
Belangrijke nadelen voor een dergelijk technisch museum waren de buitenlocaties van de depots, deels in Delft zelf (Paardenmarkt), deels daarbuiten en de beperkte mogelijkheden tot demonstraties en living history in en rond het museumgebouw.

Bij het weggaan liepen we via de Lange Geer en Zuidwal naar het station en viel me de overeenkomst met het Scheepvaartmuseum in Amsterdam op. Gelijksoortige gebouwen met een oorspronkelijke functie die dicht bij het huidige museaal gebruik ligt. Het Scheepvaartmuseum heeft ervoor gekozen het gebouw ingrijpend te restaureren en te verbouwen, het Legermuseum kiest voor verhuizing en nieuwbouw.
Zou zo'n keuze voor het Legermuseum ook gemaakt kunnen zijn? We zullen het nooit weten, want op dit moment is de bouw van het nieuwe Militair Historisch Museum in Soesterberg in volle gang. Daar krijgt men een zee van ruimte, zowel voor exposities als voor de depots die in en direct bij het museum komen, plaats voor demonstraties met voertuigen en living history, misschien ook wel vliegbewegingen (het MHM is een fysieke fusie van Leger- en Luchtmachtmuseum en organisatorisch ook met de overige defensiemusea).
Maar wat laten ze achter, wat zullen ze zeker verliezen? Dat is toch de historische sfeer van het Armamentarium waar Prins Maurits heeft rondgelopen, waar de grote krijgsheer Napoleon zijn voetstappen heeft gezet. De massieve eiken balken, doorrookt door talloze generaties militairen, het sfeervolle kruipdoor-sluipdoor van in elkaar verweven gebouwen. Een gebouw waar de vaandels van Waterloo zich thuis voelen.
In gebouwen als het Armamentarium voor de militaire geschiedenis en het 's Lands Zeemagazijn voor de maritieme geschiedenis is er sprake van een bijna volmaakte symbiose van vorm, inhoud en daadwerkelijke sense of place. Misschien ben ik daar gevoeliger voor dan andere bezoekers, gebruikers, museummensen, maar het is niet voor niets dat musea als het Hermitage aan de Amstel, het Scheepvaartmuseum en locaties als de Nieuwe Kerk in Amsterdam zo succesvol zijn, niet alleen vanwege hun inhoud, maar ook door de historische huisvesting.
Mijn ideaalbeeld was de Engelse situatie geweest, het Imperial Warmuseum in het historische complex Bedlam (ironisch genoeg in vroeger tijden een gekkenhuis in Londen) en het Legermuseum in het Armamentarium in Delft, met daarnaast hun buitenlocaties Duxford en Soesterberg voor de moderne collecties en ruimte voor depots en demonstraties. Nederland is daar echter te klein voor en wij zijn niet bewust genoeg van ons militaire verleden (een natie onstaan uit opstand en strijd) om daar veel geld aan te willen besteden.

Ik zal mijn nieuwe 'buren' (Soesterberg ligt niet al te ver van Naarden af) eind 2014 zeker gaan bezoeken en ben heel benieuwd naar niet alleen de exposities, maar ook de (militaire) sfeer van het nieuwe museum.
Voor het Vestingmuseum ben ik blij dat wij werken aan een nieuw museum in de historische vestingwerken van Naarden, waar vorm en inhoud samenlopen en de gebouwen en terrein onlosmakelijk onderdeel vormen van de collectie.